God zoeken met de zinnen?
[De moribus ecclesiae]
God zoeken met de zinnen?
€ 24,90
Auteur :
Aurelius Augustinus (354-430)
Vertalers :
Augustinus-vertalingen bij het Augustijns Instituut, Elly Houtsma, Hans van Reisen, Marijke Nota-Renders
ISBN:
9789055738533
Verschenen:
13-05-2008
Omvang:
147 pagina's
Uitvoering:
Gebonden uitgave
Leverbaar:
Direct
Inkijkexemplaar
Recensie

In: Interpretatie, januari 2010
"Het Augustijns Instituut heeft met het uitgeven deze vertaling weer een bijzonder stukje van het werk van Augustinus toegankelijk gemaakt"

Op: www.zinweb.nl (4 juli 2008)
"Na zijn toetreding tot de katholieke kerk in 387 laat Augustinus zich in niet mis te verstane woorden over deze groep uit. Het is net alsof hij beseft: "hoe heb ik dit ooit kunnen geloven?". Dit maakt het boek tot een persoonlijk document, waar Augustinus met zijn verleden afrekent en pleit voor een katholieke leefstijl, waarin de Liefde de boventoon voert.
Daarnaast vond ik het prachtig om inzicht in Augustinus' manier van denken en achtergrondinformatie over het maniche?sme te verkrijgen. Het is echt een tijdsdocument voor het christendom van eind vierde eeuw en van het begin van Augustinus' theologische ontwikkeling. Ook zijn omgang met de Bijbel laat zien dat hij zich in de korte tijd na bekering thuis heeft gemaakt in de Schriften om deze als eenheid te zien tegenover de manicheese groep die de Schriften zeer selectief leest en onderscheid maakt tussen de ware en valse God in de Schriften.
Het boek kan gelezen worden ter nadere bestudering van het denken van Augustinus. Zeer positief heb ik de inleiding gevonden; de vertalers hebben ervoor gekozen om aan het begin van het boek de context van het geschrift, van Augustinus en van het maniche?sme weer te geven. Dit heb ik als prettig ervaren, hoewel ik al enige kennis over Augustinus en zijn context heb. Ik kan dit boek aanraden aan iedere liefhebber van deze kerkvader en aan mensen die zich verder willen verdiepen in de veelkleurigheid van het vierde eeuwse christendom.
Het boek geeft genoeg stof tot nadenken."
(H.C. Mulderij)

Aantal:
God zoeken met de zinnen?

De eerste Nederlandse vertaling van De moribus ecclesiae

Verschenen in de serie: Augustinus-uitgaven

Uit de klassieke en vroegchristelijke cultuur is er van niemand zoveel bewaard gebleven als van de kerkvader Augustinus (354-430). Zijn literaire nalatenschap beslaat bijna een halve eeuw en is ongeveer tienmaal zo omvangrijk als de Bijbel. Het bekendst is hij van zijn Belijdenissen, De stad van God, en van zijn vele preken en bijbelcommentaren. Minder bekend is hij van zijn bijdragen aan soms verbeten discussies met allerlei christelijke tijdgenoten.
In De moribus ecclesiae - waarvan dit boek de eerste Nederlandse vertaling bevat - gaat de dan nog jonge Augustinus het debat aan met de manicheeërs. In het eerste boek verantwoordt hij de leefwijze van katholieke christenen door vooral de samenhang te benadrukken tussen de geschriften van het Oude en die van het Nieuwe Testament. In het tweede boek worden de morele opvattingen van de manicheeërs uiteengezet en weerlegd. Augustinus was daarmee vertrouwd, want hij was in zijn jeugdjaren ongeveer negen jaar lid geweest van de manicheese kerk. Daarom is het werk van grote betekenis voor de reconstructie van manicheese opvattingen en praktijken.
Het werk dateert van de jaren 388-390. Augustinus had zich in 386 te Milaan laten dopen door de katholieke bisschop Ambrosius, maar hij was nog geen priester, laat staan bisschop in Hippo Regius. In deze jaren leefde Augustinus samen met enkele vrienden als zogeheten servi Dei, dienaren van God, op het familielandgoed in zijn geboorteplaats Thagaste.
Door Augustinus krijgen we van de manicheeërs een gekleurd maar betrouwbaar beeld. Het manicheïsme is een bijzondere vorm van gnostisch christendom. Door de nadruk op innerlijke verlichting en kennis werd de in Perzië ontstane beweging aantrekkelijk voor jonge intellectuelen. In de discussies gaat het - naast vragen over samenhang tussen verschillende bijbelboeken - vooral om vragen over gelukkig leven, de oorzaken en het wezen van het kwaad, de betekenis van voedsel en seksualiteit. In de behandeling ervan wisselt Augustinus de soms moeilijke, theoretische beschouwingen regelmatig af met vermakelijke voorbeelden uit zijn eigen leven. Uitvoerige aandacht besteedt hij aan de manicheese opvattingen over de drie zegels, in het bijzonder aan die over het zegel van de mond. Tegenover de manicheese idee dat glanzende kleuren, aangename geuren en zoete sappen in allerlei gewassen er op duiden dat daarin delen van God aanwezig zijn en Hij als het ware te vinden is met de neus en het gehemelte, wijst Augustinus op het belang van zorgvuldige en gemeenschappelijke bijbellezing als voornaamste bron om God te leren kennen. Met de titel God zoeken met de zinnen? wordt dan ook gezinspeeld op beide partijen in het debat.