De kunst heet in crisis te verkeren. Door de grensvervaging tussen kunst en populaire cultuur zijn musea tot een soort pretparken verworden. Tijd voor een nieuw engagement van de kunstenaar!, roepen sommige critici. Petran Kockelkoren vindt dit een verkeerde strategie: niet ethiek, maar esthetiek moet de context vormen voor veranderingen in de kunst.
Plato was al ambivalent tegenover de kunsten: theater vond hij een illusie, maar dichters spraken de waarheid. Laverend tussen plat vermaak en goddelijke wijsheid, is kunst altijd al crisisgevoelig geweest en ontvankelijk voor ideologische kritiek. Daarom, schrijft Heleen Pott, moet kunst zich telkens opnieuw uitvinden, al dan niet in verzet tegen de tijdgeest.
Hoe kun je filosofisch greep krijgen op een persoonlijke fascinatie voor een kunstwerk? De beschikbare interpretatiemethoden van kunst laten geen subjectieve oordelen toe, ondervond Robert Zwijnenberg. Een zoektocht naar een persoonlijke én filosofische interpretatie van Leonardo da Vinci's Johannes de Doper.